1. Maak zelf een receptenboekje waarin minimaal vijf recepten staan. Van elk van de volgende soorten moet in elk geval één recept voorkomen: zandgebak, cake, biscuitgebak en Moskovisch gebak. Beschrijf in het receptenboekje niet alleen wat de ingrediënten zijn, maar ook hoe je van deze ingrediënten tot het eindproduct komt. Doe dit in je eigen woorden, voorzien van zelfgemaakte foto’s of tekeningen. Tip: combineer deze opdracht met een aantal van de andere eisen die hieronder staan.
  2. Maak zelf koekjes voor je hele gezin, zorg dat je gezinsleden uit minimaal drie verschillende koekjes kunnen kiezen.
  3. Maak zelf een taart. Dat mag een taart zijn die je moet bakken (bijvoorbeeld een appeltaart), maar je mag ook een taart maken waarbij je niet van een oven gebruik maakt.
  4. Zoek op hoe je succesvol chocolade kunt smelten en pas dit toe op een reep chocolade. Gebruik deze gesmolten chocolade om je koekjes mee te versieren of maak er snoepjes van.
  5. Maak zelf ten minste drie soorten glazuur (bijvoorbeeld waterglazuur, ganache, boterglazuur, fondant, royal icing of roomkaasglazuur) en gebruik deze op zelfgemaakte kleine cakes. Denk daarbij na over welke glazuur past bij de smaak van de cake, zorg dus voor een lekkere combinatie!